Als je me een paar jaar geleden had verteld dat een moestuin mijn agenda zou bepalen, had ik je waarschijnlijk niet geloofd.
Niet omdat ik zo’n strakke planner ben.
Integendeel.
Ik ben eigenlijk best chaotisch. Tenminste, zo lijkt het soms voor de buitenwereld. In mijn hoofd weet ik precies wat ik allemaal wil doen en in welke volgorde. Lijstjes heb ik door de jaren heen regelmatig geprobeerd, maar die werken voor mij niet. Al moet ik eerlijk zeggen dat een afvinklijstje me dan weer wél blij maakt. Gewoon omdat ik graag zie wat er al gelukt is.
Maar meestal zit de planning gewoon in mijn hoofd.
En daar begint ook meteen mijn valkuil.
Als ik eenmaal aan iets begin, wil ik het ook afmaken. Nog even dit. Nog even dat. Nog één klusje erbij. Totdat ik ineens op de klok kijk en ontdek dat de dag alweer bijna voorbij is.
Dat gebeurt vaker dan me lief is.
Gelukkig is er de moestuin.
Vrijwel iedere ochtend begin ik met een kop koffie. Of een kop thee.
Tenminste… dat is de bedoeling.
Want meestal loop ik eerst “heel even” de tuin in.
Even kijken hoe alles erbij staat.
Of de tomaten alweer gegroeid zijn.
Of er komkommers rijp zijn.
Of de bloemen open zijn gegaan.
En voor ik het weet ben ik alweer een hele tijd verder.
Onderweg haal ik wat uitgebloeide bloemen weg. Ik trek wat onkruid tussen de planten vandaan. Ik bind een tomatenplant op, geef de kas water en pluk alvast wat aardbeien die de keuken meestal niet eens halen.
Mijn koffie?
Die is inmiddels koud.
En als ik thee had gezet, heb ik het water vaak al drie keer opnieuw gekookt voordat ik eindelijk rustig ga zitten.
Toch vind ik dat helemaal niet erg.
Want juist in de tuin lijkt de tijd even anders te lopen.
De moestuin trekt zich niets aan van mijn planning.
Na een warme zomerdag kan alles ineens gegroeid zijn. Courgettes lijken soms van de ene op de andere dag twee keer zo groot. Bonen hangen ineens vol peulen en als de aardbeien rijp zijn, weet je dat je eigenlijk vandaag moet plukken en niet morgen.
De tuin leeft in haar eigen ritme.
En zonder dat ik het bewust heb gemerkt, ben ik steeds meer met dat ritme mee gaan bewegen.
Op droge dagen krijgt water geven voorrang boven een klus in huis. Als er regen wordt voorspeld, oogst ik liever vandaag. En als de zon na een paar natte dagen weer doorbreekt, laat ik de was soms gewoon even liggen omdat ik liever tussen de planten loop.
Juist wanneer mijn hoofd vol zit, zoek ik de tuin op.
Niet omdat alles netjes moet zijn.
Maar omdat ik daar vanzelf rustiger word.
Ik hoef er niet productief te zijn.
Soms loop ik alleen een rondje.
Ik ruik aan de kruiden.
Luister naar het gezoem van de hommels.
Kijk hoe een vlinder van bloem naar bloem fladdert.
En ongemerkt gebeurt er iets.
Mijn ademhaling wordt rustiger.
Mijn hoofd wordt stiller.
Alsof de natuur me eraan herinnert dat niet alles vandaag hoeft.
Dat is misschien wel het grootste cadeau dat de moestuin me heeft gegeven.
Niet de oogst.
Niet de verse groenten.
Maar vertraging.
Want hoewel ik nog steeds de neiging heb om eerst alles af te maken voordat ik ga zitten, lukt het me dankzij de tuin steeds vaker om tussendoor even stil te staan.
Gewoon even op een bankje.
Met een kop thee.
Die hopelijk nog warm is.
En als dat niet zo is…
Dan kook ik gewoon nog een keer water.
Want de tuin heeft me geleerd dat sommige dingen best even mogen wachten.
En misschien is dat wel precies waarom de moestuin inmiddels mijn agenda bepaalt.
Niet omdat hij me drukker maakt.
Maar omdat hij me helpt vertragen.
Reactie plaatsen
Reacties